Uw dagelijkse informatiebron met nieuws, advertenties en berichten uit Neerpelt of over Neerpeltenaren

  

    

Dorp zoekt stadsdichter

Nu Antwerpen en Gent allebei een stadsdichter hebben aangeworven, kan Neerpelt niet achterblijven. Wie zouden we pakken? Mail naar Poermenneke!

Waar houden vrouwen van?

Van mannen natuurlijk, maar daar gaat het hier niet om. Eddy Feyen gaat, dat is bekend, een Nèrpèltse jenever maken. Maar hij wil ook, speciaal pour les femmes, een likeurke laten brouwen. Nu breekt hij zich al dagen het hoofd over de vraag wat voor smaak vrouwen het liefst hebben in zo'n likeurke. Eddy weet dat niet, hij is vrijgezel namelijk, en dus stelt hij voor dat de vrouwen aan ons laten weten hoe zo'n likeurke moet smaken. Het mag honing zijn, chocolade, aardbei, bessen, enzomeer. Hebt u een idee, dames? Mail dan naar het Poermenneke. Dank bij voorbaat in naam van de Neerpeltse drinkcultuur... 


 

"We meugen er zien!"

Naar jaarlijkse traditie houden ook de Notenteuten hun carnavalsfeestje in het BinnenHOF. Johny Spooren stuurde ons de tekst van zijn carnavalslied dat door hen wordt gezongen. De muziek vindt u hier, hieronder staat de tekst, EN NOUW ALLEMOAL SAME:

 
refrein
We meugen er zien, 
Ge moet och toch nie miër genéren moat, 
We meugen er zien, 
Want we fisten in de sjiekste stroat. 
We meugen er zien, 
Of we nou errem zien of riek, 
We meugen er zien, 
Mè carnaval zien we toch allemoal geliek. 


1. 

Mè carnaval daan moet ich dikwels no de zolder goan, 
Want in nen hoek doa hem ich ergens nog ’n duske stoan. 
Mè kiel en heem, en pruuk ereen, ’n hütje van papier, 
Och vin ich nog e mombakkes, van menne urste kiër, 
Laachend zie ich m’n eigen in de spiegel stoan, 
En dan zing ich hiel spontoan:


2.

In de kantien van’t BinnenHOF, doa maken we veul kaboal, 
Doa oefene we ut ganse joar, dè is dus hiël normoal. 
We haawen van ‘n frisse peent, mè miër nog van’t vertier, 
Oas oefenkoat is, nie vur niks, bekend um zè plezier. 
Laachend zien w’os eigen in de spiegel stoan, 
En dan zingen we hiël spontoan... 


                                      Origineel: Cees van de Ven / Frans Mestrini
                                     Aanpassing naar marsversie +teksten: Johny Spooren 
                                                                          Carnaval Notenteuten 2005


 

  Ongelooflijk: maan boven Neerpelt!

 

 


 

 Goede voornemens voor 2005

 

  We hebben er nog een paar binnengekregen:

  - de Internetgazet opvouwen, meenemen en lezen in het café

  - een gek figuur slaan met carnaval

  - een bocht maken in de gemeenteraad 

  - een volleybalwijktornooi starten

  - een visje in het kanaal uitgooien om een snoek te vangen

  - de trein nemen naar Hasselt

  - de Noord-Zuidverbinding verbinden

  - de Dommel voortaan de Grote Dommel noemen, en de Oude Dommel de Kleine Dommel

  - een slag in het water slaan

 

  Dank aan de inzenders!


 

 Brei eens een wijnhoesje

 

Waar blijven ze het halen, dacht Eddy Feyen toen hij een   aanbieding kreeg voor de levering van gebreide wijnfleshoezen. Waar dat goed voor is? Ah, voor het blind proeven van wijn, natuurlijk. En wellicht ook voor de tewerkstelling in de breigoedsector...


 

Figuur van de maand

 

 

De figuur van de maand is ongetwijfeld Caroline Coolen, de van oorsprong Neerpeltse beeldhouwster die niet alleen Porcocrates neerzette maar ook Choufleur. Bij de inhuldiging van Choufleur op het Herent was ze aanwezig. Zelden hebben we iemand zo charmant verlegen zien zijn. "Zo'n belangstelling ben ik niet gewoon", zei ze na afloop, blij dat het allemaal achter de rug was. Caroline, je bent een straffe madame!


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

        

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

**

**

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Verhalen uit Neerpelt

De KANAALSTRAAT (5) : o welig dorp!

 

 

Na de eerste grote oorlog kende ook ons dorp een flinke geboortegroei zodat de oude jongensschool snel te klein werd voor al dat jonge geweld. Er kwam nieuwbouw langs de Kanaalstraat: een laag gebouw met puntgevels en duiventillen op de hoeken: ”Opvoeding en Onderwijs”. Toen we naar het tweede leerjaar mochten was die nieuwbouw nog niet klaar. We kregen les (en ook straf) van meester Theuwis in een noodlokaal, een oud gebouw van de vroegere dorpsbrouwerij in de Kerkstraat.

 

Een laag gebouw met puntgevels en duiventillen op de hoeken...


Terug naar huis gaan na de school was dan telkens weer een blijde terugkeer in de heimat. Want onze straat was een hechte gemeenschap van goede buren en je kon er alles vinden wat nodig was om sober en goed te leven.
Vooraan op de hoek was er de hoeden- en klakkenwinkel van Kirsch en aan de overkant de Sint-Jozef met ijzerwaren en huis-en-tuingerief van Stanske Oben. Je liep er verder langs stoffenwinkel, kleermaker, potten-en-pannenwinkel, loodgieter en bakker tot aan de jongensschool. Daar kwam je voorbij de snoepwinkel en kolenhandel, de radmaker, de verver, de smid, langs de houtzagerij, de schoenmaker, de slagerij van Toontje en de schrijnwerkerij van Pier. En verder nog het wagenpark van wegenbouw Martin en de tabakswinkel van Gust met een mooi reclamepaneel op de zijgevel, waar een stoere negerkop op prijkte met drie sigaretten tussen zijn witte tanden.
Voor melk en boter en patatten gingen we de boer op aan de overkant van het kanaal en eieren had je aan huis want bij elke woning hoorde een neerhof met kippen en dikwijls ook ganzen en kalkoenen.
Elke week kwam er het karretje van Netje Vis met haring, bokking, stokvis en schelvis en nu en dan liep er een leurder door de straat met een grote zak op de voorste pakdrager van zijn fiets, luid roepend ”mosselen…gernoot”! Op zaterdagen kwam de bierkar langs en de petroleumkar: een tonwagen met bovenop een grote koperen bel die luid klonk tot in de huizen zodat we de petrolkan op tijd konden buiten zetten.
We hadden zeker geen weelde: ’s morgens spek met roggebrood, ’s middags patatten met “joen sauws” en een half eitje en ’s avonds botermelkpap. Alleen ’s zondags kwam er vlees op tafel en ’s vrijdags ”ne gebraoie bukkem” of wat stokvis. Veel gezinnen hadden het moeilijk om rond te komen met het karige loon van vader sigarenmaker, koolputter, handlanger of arbeider in de fabriek. De kleine boeren gingen bijverdienen met zwaar en ongezond werk aan de zinkoven maar de moeders bleven thuis bij hun talrijke kroost en zorgden voor het vee: een koe maar meestal slechts een paar geiten of schapen. Wie geen werk vond had geen inkomen en vooral weduwen met kinderen leefden in grote armoede.
 
                                                                           Lvpk.
 (wordt vervolgd)

                    (red.: de vorige aflevering droeg het volgnummer 4)


 

Nog altijd dat spelletje

Rond de jaarwisseling hebben we op deze pagina een spelletje geplaatst. Niet zomaar een spelletje, maar een echt denkspel waarbij je via klikken verder kon gaan door vier verschillende taferelen. 

We hebben daar plezierige reacties op gekregen. 

Om het af te leren, laten we u nu genieten van een ander intelligent spelletje. Hoe gaat dat? Als u hier klikt, dan komt u op een site waar u een soort uitgedoofde ster ziet zweven door het heelal. Er staat een torentje op. In dat torentje zit een manneke. En dat manneke ziet via zijn verrekijker plotseling een andere planeet naderen, die in botsing dreigt te komen met de zijne. Hij moet dus de koers van die andere planeet zien om te buigen. 

Boeiend hoor! U weet het: alleen door juist te klikken en diep na te denken kunt u het einde halen. Zelf hebben we er toch wel een halfuur voor nodig gehad om alles door te hebben. Succes !!

PS: het vorige spelletje staat hier. U moet de twee mannetjes in contact brengen met de rest van de groep. Niet opgeven. NIET OPGEVEN! Doorgaan tot u het vindt.

    (red.: dit stukje lieten we staan omwille van het succes van de spelletjes)


 

 

 

terug naar de Neerpeltpagina