|
Gevraagd
"ik ben op zoek naar hét lied van Neerpelt. België heeft een
volkslied, Limburg heeft ook zijn lied, zelfs (!) Overpelt. Dus Neerpelt
moet toch ook wel iets te zingen hebben?"
Op deze mail van Leslie Fonteyne, die te lezen
was op de vorige Poermennekspagina, kregen we tientallen reacties met
liedjes en liedjesteksten. Ja hoor, Neerpelt heeft een eigen lied. Het
heet "Van de Stiêne Brug tot oan de Roeie Pier", het werd
geschreven door Flor Claessen - volgens sommige bronnen
samen met mister Nol Swinnen van het Hènt - en het wordt
gezongen op de melodie van "Waar het lied der branding ruist bij
dag en nacht..." Flors dochter Kristien leverde ons de enige
authentieke tekst van het lied; "het werd ongeveer 50 jaar geleden
geschreven", mailt ze, "ik denk dat het was naar aanleiding van de Europarally in 1955: een groot evenement op de scoutsrally waar vele scouts uit de omliggende landen aan deelnamen, het was toen 2 weken
feest".
Johny Spooren bezorgde ons een midi-file van de muziek.
Op bijgaande foto Flor in volle actie rond 1970 tijdens de Wieze oktoberfeesten. Flor was toen bij 3 fanfares (Dommelgalm, de fanfare van het college en de tirolerkapel) en 2 koren (kerkkoor en Noord-Limburgs mannenkoor) en mocht voor de gelegenheid dirigeren.
Van de Stiene Brug tot oan de Roeie
Pier.
Tekst : Floep (Flor Claessen) en Nol Swinnen (?)
Muziek: Waar het lied der branding ruist
(hier
in midi-file)
Van de Stiene Brug tot oan de Roeie Pier
doa ligt Nèrpelt, schonder deurp is nergens mier.
Kerrek zonder toren, doa den dommel bij
ligt het schoên verloren, tussen brem en hei. (2X)
As ‘t vuur wèr brandt, mè ‘t fest van Sinte Marten
de kruusen trekken in de moand van mei.
Of ‘t hoeies is, ‘t is kermis of ‘t is slachtes
in Nèrpelt zien z’er allemoal gère bij.
As ne joeng verliefd is veur den urste kier
is ze plekske de Verkèrde Lieven Hier.
‘t Hageven veur ‘s winters, ‘s zomers het kenoal
huukskes veur te vrijen, ge kent ze allemoal. (2X)
Liek er in Nèrpelt dikkes iets te doen is
dan zien de miensen allemoal op de bien.
Achter gordijntjes moede ze nie zuuken
want jonk en oud, ‘t lupt allemoal onderien.
As ich iens moest doed goan, nie da’ch gère duu
want ich ben da lève hei nog lang nie muu.
Mèr as ‘t iens zoe vèr is, en hem ich gedoan,
hoop ich da ‘t in Nèrpelt èven goed blieft goan. (2X)
Lowieke heet niet Lowieke!
.jpg)
Vorige keer meldden we u opgetogen dat de
kwakvors aan het gemeentehuis vanaf volgend jaar als Lowieke door
het leven zou gaan.
Helaas, wij doolden.
In het reglement stond dat de bedenker van de
naam er mee akkoord zou gaan dat hij volgend jaar acte de présence
zou geven bij de inwijding van de nieuwe naam. Maar betrokkene weigert
dat.
De jury van de carnavalsvereniging heeft daarom
beslist dat de kwakvors een andere naam krijgt. Niet Lowieke dus. De
nieuwe naam wordt volgend jaar met carnaval bekendgemaakt.
Waarom? Dààrom!
Waarom krijg je een pizza (vaak) sneller thuisbesteld dan een ambulance?
Waarom bestellen sommige mensen een dubbele cheeseburger, een groot pak frieten en een
cola light?
Waarom verkopen ze hotdogs in pakjes van 10 en hot dogbroodjes in pakjes van 8?
Waarom houden de vrouwen hun mond open als ze mascara aan hun ogen doen?
Waarom is het woord "afkorting" zo lang?
Waarom moet je op "START" klikken om Windows af te sluiten?
Waarom heet de luchthaven "terminal" als vliegen dan toch zo veilig is?
Waarom druk je harder op de toetsen van de afstandsbediening als de batterijen plat zijn?
Waarom heeft Noë die twee muggen niet afgemaakt?
Waarom krimpen de schapen niet als het regent?
Waarom schrijf je "afzonderlijk" aan mekaar en "allemaal tegelijk" in twee woorden?
Waarom hebben de winkels die vierentwintig uur op vierentwintig open zijn een slot op de deur?
Waarom eten analfabeten soep met "lettertjes"?
Hoe zijn de bordjes "Verboden op het grasperk te lopen" in het midden van het gazon beland?
Hoe raak ik een oude boemerang kwijt?
Welke kleur heeft een smurf die gewurgd wordt?
(met dank aan de onbekende samensteller)
|
Verhalen uit Neerpelt
De KANAALSTRAAT (9) : het
bad
.jpg)
Op zonnewarme zomerdagen is het heerlijk liggen soezen in het mulle zand tegen de zuidgevel van ons huis. Je bent er nooit alleen, ook niet als je speelkameraadjes er niet bij zijn.Vliegen zitten roerloos zich te koesteren op de warme grijze gevelstenen en de zwaluwen vliegen kwetterend af en aan naar hun jongen onder de dakrand.
De vakantie begon pas op 1 augustus. Neefjes en nichten uit de stad zijn afgekomen voor de ‘zuivere lucht van de buiten’. De sneltrein van Antwerpen naar Mönchengladbach laadt vakantiegasten af in Neerpelt voor Hotel de la Poste in de Groenstraat en voor de hotels van de Stationsstraat.
Op warme namiddagen mogen we onder begeleiding van het oudste nichtje naar de zandberg. Langs de veldweg stappen we voorbij het huis Voets en daarna rechts door de modderige karrenweg tussen de oude lage boerderij en het hoge vierkanten blokhuis, verder langs de wei waar nog de schietboom van de vroegere schutterij staat tot beneden aan de kanaaldijk. Over de Dommelduiker langs het kabbelend vergiftigd beekje, aan brug acht linksom de Bergeykse Dijk op. Voorbij het geheimzinnige “iezeren hoeès” komen we aan de zandberg. Ravotten, putjes graven, zandkastelen bouwen, piepke bergen, peperkoek en limonade en daarna door de zompige wei naar de Dommel pootje baden.
Terug thuis moeten we het bad in. Een grote ronde houten kuip, de helft van een middendoor gezaagde wijnton. Het vulgat in de bodem is dichtgeslagen met een houten spon die geklemd zit met een linnen
doekje. Als je daar een beetje aan frunnikt komt de spon los en drijft het badwater over de verandavloer. Op zaterdagen in de winter staat de badkuip in de keuken voor de zwarte cuisinière lekker warm. Heerlijk badhalfuurtje behalve dat laatste bedrijf, als er bij het hoofdwassen zeepsop in je ogen loopt.
Na het laatste kleuterjaar moeten mijn lange sint-jannekeskrullen eraf. Vader rijdt me op zijn fiets naar de kapperszaak van Fonske de coiffeur in de Lion d’or in de Stationsstraat. Bijna kaalgeschoren tot groot verdriet van moeder. ”Nu ben je een echte jongen!”
Vanaf toen is het badritueel op zomerse zaterdagen gans anders geworden. Vader en
pa (de roepnaam van onze oom) en ik. Per fiets brug zeven over, op de stang bij va of pa. Door de Volmolenstraat naar de Bergeykse Dijk langs de populieren van de watering over het hobbelig paadje voorbij Balis’ koel met de bruine lisdodden, door de Tussen tot aan de plaats die we ‘de drie bruggen’ noemen. Daar stroomt de afvoersloot van de vloeiweiden naar de nabijgelegen Dommel. Waar de sloot de weg kruist is de bedding uitgediept en gemetseld. Alleen tijdens de hooioogst ligt er een houten brug op. Dat is onze zomerse
badkuip: schitterend helder ijskoud water, warme moeraslucht vol muggen en dazen en boven ons in de populieren de wielewaal die spottend fluit van
”bieten de boeren hun vleui oech?”.
Lvpk
(Wordt vervolgd)
De vorige afleveringen
van De Kanaalstraat:
1 2
3 4
5 6
7 8
Tierinneke?
.jpg)
In mei stond op de nieuwspagina van Internetgazet een stukje over een
project voor het kweken van lieveheersbeestjes in de school in SHLille. In het
kopje noemden we die beestjes "tierinnekes" - we wisten niet beter
of het Nèrpelts voor lieveheersbeestje is tierinneke. Niet
iedereen ging daarmee akkoord. Er blijken verschillende namen te
circuleren, de naam die men ten noorden van het kanaal gebruikt verschilt vaak
met die ten zuiden daarvan, enzomeer. Vele lezers zegden dat het "dierinneke"
was, nog anderen "lievehiërsbistje". Ook "tiereninneke"
werd genoemd. Theo Kuppens van de heemkundige kring leerde het in zijn jeugd
als diereninneke.
Wij weten het ook niet meer, dus.
Poermenneke's intelligente spelletjes
spelletje
1
spelletje 2
spelletje 3
spelletje
4 (NIEUW! met dank aan Dennis Fransen)
terug
naar de Neerpeltpagina
|