Bij 42% van de letselongevallen met elektrische auto’s is een kwetsbare weggebruiker betrokken, tegenover 27% bij alle soorten auto’s. Bij lage snelheid maken elektrische modellen minder geluid, worden ze later opgemerkt en zijn ze moeilijker te lokaliseren dan voertuigen met een verbrandingsmotor.
Om deze stilte te compenseren moeten ze wettelijk gezien bij lage snelheid een geluid produceren. Uit een nieuw onderzoek van Vias institute blijkt echter dat dit geluid niet altijd krachtig genoeg is en bovendien enorm verschilt van merk tot merk. Vias pleit voor een verhoging van de minimum geluidsnorm en voor een harmonisatie tussen de merken.
De voorbije 5 jaar is het aandeel elektrische of hybride wagens in ons land van 3% naar 20% gestegen. In 2025 was bij 42% van de ongevallen met elektrische wagens een voetganger of fietser betrokken. Als je alle ongevallen met auto’s bekijkt, gaat dat over 27%. De afwezigheid van geluid is natuurlijk niet noodzakelijk de oorzaak van al deze ongevallen, maar kan een rol spelen.
Een nieuw onderzoek van Vias institute analyseerde of het lagere geluidsniveau van elektrische en hybride voertuigen gevolgen kan hebben voor de veiligheid van kwetsbare weggebruikers. Bijzondere aandacht ging naar mensen met een visuele beperking, die het meest door het gebrek aan geluid worden getroffen.
Om het probleem van stille voertuigen te verhelpen is door de Europese Unie voor alle elektrische wagens het AVAS-systeem („Acoustic Vehicle Alerting System“) ingevoerd. Dit is een kunstmatig geluid waarmee alle elektrische voertuigen verplicht mee uitgerust moeten zijn. De doeltreffendheid ervan wordt soms in twijfel getrokken.