In 2025 bedroeg de levensverwachting bij geboorte in het Vlaamse Gewest 83,3 jaar voor de hele wettelijke bevolking. Bij mannen ging het om 81,6 jaar en bij vrouwen om 85,0 jaar. De levensverwachting bij geboorte lag daarmee 3,4 jaar hoger bij vrouwen dan bij mannen.
Voor mannen lag de levensverwachting in 2025 hoger dan in 2024 en 2023, voor vrouwen was er in 2025 een verwaarloosbare daling ten opzichte van 2024 (-0,2 jaar).
Tussen 2000-2019 steeg de levensverwachting bij geboorte voor de totale bevolking van 78,5 jaar naar 82,7 jaar (+4,2 jaar). Die stijging was sterker bij mannen (+5,1 jaar) dan bij vrouwen (+3,3 jaar).
In 2020 daalde de levensverwachting voor het eerst in 20 jaar. Dat was een gevolg van het hoge aantal overlijdens in dat jaar door de coronapandemie. In 2021 herstelde de levensverwachting zich opnieuw tot ongeveer op het niveau van 2019 en daarna werd de stijging verdergezet.
Op de leeftijd van 65 jaar lag de levensverwachting voor mannen op 19,9 jaar en voor vrouwen op 22,5 jaar. Dat is een verschil van 2,6 jaar. Op de leeftijd van 85 jaar lag de levensverwachting respectievelijk op 6,2 en 7,3 jaar voor mannen en voor vrouwen.