Wie de voorbije dagen over het Marktplein wandelde in Neerpelt, kan er moeilijk naast kijken: in de wadi staat opnieuw een flinke plas water. Het beeld doet vermoeden dat het de voorbije weken uitzonderlijk veel geregend heeft. Maar klopt dat gevoel ook met de cijfers?
Als we de voorlopige statistieken bekijken – de maand is uiteraard nog niet voorbij – dan moeten we eerder vaststellen dat de totale neerslag in februari tot nu toe rond het gemiddelde ligt, of zelfs licht daaronder.
Volgens de klimatologische gemiddelden van het Koninklijk Meteorologisch Instituut bedraagt de normale neerslagsom in februari ongeveer 60 millimeter. De voorlopige metingen voor deze maand schommelen voorlopig rond dat niveau, zonder duidelijke uitschieters naar boven.
Hoe komt het dan dat het “natter dan nat” aanvoelt?
Dat heeft minder met de totale hoeveelheid regen te maken en meer met de spreiding ervan. Enkele intensere buien op korte tijd kunnen ervoor zorgen dat het water zich tijdelijk ophoopt in lage zones, zoals de wadi op het Marktplein. Zo’n wadi is trouwens net bedoeld om regenwater tijdelijk op te vangen en vertraagd te laten infiltreren in de bodem. Dat ze nu gevuld is, betekent dus ook dat ze haar werk doet.
Daarnaast speelt ook de verzadiging van de bodem een rol. Na een vochtige winterperiode kan de grond minder water opnemen, waardoor regen sneller zichtbaar blijft staan.
Kort samengevat: het lijkt alsof februari uitzonderlijk nat is, maar de cijfers vertellen voorlopig een ander verhaal. De maand oogt spectaculairder dan ze statistisch is.