De jaarrekening van 2025 bevestigt volgens het stadsbestuur dat Lommel financieel gezond blijft en tegelijk stevig investeert in de toekomst. De stad sloot het boekjaar af met een
beschikbare financiële buffer van ruim 25 miljoen euro en realiseerde daarnaast
investeringen ter waarde van ongeveer 25 miljoen euro.
Schepen van Financiën Sofie Mertens zal de jaarrekening toelichten tijdens de gemeenteraad van 23 juni. “De jaarrekening bevestigt dat Lommel financieel gezond is en de middelen heeft om verder te bouwen aan de toekomst van onze stad. We gaan zorgvuldig om met de middelen van onze inwoners en blijven tegelijk investeren in wat voor hen belangrijk is”, zegt ze.
In 2025 investeerde de stad onder meer in de bouw van Hangar3920, het nieuwe jongerencentrum, de energetische renovatie van basisschool ’t Stekske, de verdere afwerking van de Rondweg Oost, veilige schoolomgevingen en de renovatie van het Mariapark. Ook de vernieuwbouw van Visit Lommel en het GlazenHuis werd opgestart.
Bij de opmaak van het meerjarenplan eerder dit jaar ontstond discussie over het beginsaldo waarmee de stad moest rekenen. Lommel ging uit van een startbedrag van 27 miljoen euro, terwijl volgens de richtlijnen van het Agentschap Binnenlands Bestuur een startsaldo van 17 miljoen euro moest worden gehanteerd.
Uit de definitieve jaarrekening blijkt nu dat het werkelijke beginsaldo meer dan 25 miljoen euro bedraagt. Volgens schepen Mertens toont dit aan dat de financiële ramingen dicht bij de werkelijkheid lagen.
“Het verschil tussen het geraamde en het werkelijke startsaldo bedraagt 1,8 miljoen euro. De fout in het meerjarenplan had niet mogen gebeuren, maar de jaarrekening toont aan dat de gevolgen voor de financiën van de stad beperkt zijn”, aldus Mertens.
Ook burgemeester Bob Nijs benadrukt het belang van een gezonde financiële basis. “De jaarrekening geeft ons vandaag een correct en duidelijk beeld van de financiële situatie van de stad. Dankzij die sterke basis kunnen we blijven investeren in onze inwoners, verenigingen, buurten en infrastructuur. Zo bouwen we verder aan een stad waar het goed is om te wonen, te leven en te werken.”