Mensen van mijn generatie, zeker zij die in de buurt zijn opgegroeid,
spreken gemakkelijker van ‘de Buiting’ dan van Paal.
Maar hoe komen we aan die ‘Buiting’?
Paal, met zijn gehuchten (dat waren toen Tervant, Meelberg en Brelaar),
maakte twee derde uit van het grondgebied van Beringen. Op die basis
droeg het blijkbaar ook voor twee derde bij in de kosten van de kerk,
stadswallen, stadspoorten enz. Het behoorde dus integraal tot de
parochie Beringen en had eigenlijk geen aparte benaming.
Maar in 1239 werd Beringen door graaf Arnold IV verheven tot stad.
Dit betekende dat Beringen ontheven werd van het Loonse recht en onderworpen werd aan het Luikse stadsrecht. En vanaf dat ogenblik werd alles wat buiten de stadswallen lag, de ‘Buiting’. En zo kreeg het zijn naam.
Die ‘Buiting’ daarentegen bleef het Loonse recht. Een bron van ergernis binnen dat Loonse recht was bijvoorbeeld ‘de dode hand’, waarbij de landheer beslag mocht leggen op het bezit van zijn onderhorige of een deel ervan, de beste koe of een prachtig paard bijvoorbeeld.
Al die tijd wou Paal zich als parochie afscheiden van de parochie Beringen, maar stuitte daarbij op verzet van de Private Raad van het Prinsbisdom Luik.
Toch was er in 1513 al sprake van een kapel waar nu de kerk van Paal staat.
In 1530 bekwamen de inwoners van de Buiting dat de gemeentegoederen eindelijk gescheiden werden en iedere gemeenschap dus voor de eigen kosten opdraaide.
Maar dit lukte niet voor de gemeentebelastingen: de inwoners van de Buiting dienden nog altijd twee derde van de totaliteit van die belastingen te betalen.
De vele strubbelingen tussen Beringen en de Buiting bleven aanhouden. De wroeging van de mensen van de Buiting was groot: het waren tijden waarin iedereen er alles aan deed om in de hemel te geraken. Men leefde heel devoot. Maar men kon de kerk, waar men mee voor betaalde (en die dus binnen de stadswallen stond), moeilijk bereiken via slecht onderhouden wegen. Men kwam vaak voor gesloten stadspoorten te staan in geval van hoge nood…
Tot Paal in 1708 een eigen parochie werd.
Het water was zo diep dat er hier en daar nog steeds een tweespalt te bemerken valt tussen ‘die van Beringen’ en ‘die van de Buiting’…
Wistjedatje: als er constant gesproken wordt of werd van de Buiting, was er dan ook een ‘Binning’? Ja, die was er en alles waarover hierboven geschreven werd dat het zich binnen de stadwallen bevond, viel onder de omschrijving de Binning.
Over de Binning spreekt met ondertussen niet meer maar ‘de Buiting’ leeft nu nog altijd in het taalgebruik, zeker in dat van de oudere lokale generaties, maar ook in OntmoetingsCentrum (OC) De Buiting en de Boëtingse Kastaars, een evenement dat op regelmatige basis georganiseerd wordt door Paalonline.be en waar iedere geïnteresseerde zich telkens kan inschrijven. (Danny Boelanders foto Gust Ischen)
Met dank aan de websites en Paalonline.be en Beringen.be