Het eerste echte inhoudelijke punt op de Lommelse gemeenteraad ging over de
intrekking en hergoedkeuring van het meerjarenplan 2026-2031 voor het OCMW-gedeelte. Volgens schepen van Financiën
Sofie Mertens was er een fout geslopen in het startbedrag van de financiële planning.
Zij schetste wat het meerjarenplan juist betekent, waar de fout zat, hoe die fout werd rechtgezet en wat dat betekent voor de Lommelaar.
Verkeerd startpunt
Een meerjarenplan is het strategische kompas van de stad voor zes jaar, met beleidsdoelstellingen, acties én de bijhorende budgetten, zo begon Sofie Mertens. Het gaat om een complexe materie waarbij heel veel cijfers binnenkomen, maar dat zijn allemaal ramingen. “Schattingen van de uitgaven die we willen doen, maar ook van de te verwachten inkomsten.” Dat document moet financieel in evenwicht zijn en wordt gecontroleerd door het Agentschap Binnenlands Bestuur (ABB). “Zo’n meerjarenplan is een schatting voor de komende zes jaar, je moet dat zelf eens proberen voor uw gezin, uw inkomsten én uitgaven schatten voor de komende zes jaar. Er zijn heel wat onvoorziene omstandigheden die je niet kan voorzien, en dat is meteen de reden waarom een meerjarenplan jaarlijks dient te worden bijgestuurd.”
In dit geval bleek dat Lommel vertrokken was van het verkeerde beginsaldo, het gevolg van een verkeerde interpretatie van de Vlaamse wetgeving terzake.
- De stad ging uit van het laatst aangepaste meerjarenplan, met een verwacht beschikbaar saldo van +4,2 miljoen euro.
- Volgens ABB moest echter de laatst goedgekeurde jaarrekening (resultaat 2024) als basis dienen, inclusief de niet-opgebruikte investeringen.
- Daardoor kwam het correcte startpunt uit op –5,5 miljoen euro.
Dat betekent een verschil van 9,7 miljoen euro.
Snelle rechtzetting
De fout werd op 8 januari gemeld. Het meerjarenplan daags nadien ingetrokken, herrekend en opnieuw in evenwicht gebracht. De gemeenteraadsleden werden per mail ingelicht en kregen extra toelichting tijdens een aparte infosessie en commissie.
Volgens Mertens is het jammer dat er al berichtgeving in de pers verscheen vóór de technische uitleg kon worden gegeven. Dat zorgde volgens haar voor onrust bij personeel en inwoners. “Zo is er toch een verhaal verteld dat niet volledig strookt met de waarheid.”
Wat verandert er concreet?
Om het plan opnieuw in evenwicht te brengen:
- Het startsaldo voor 2026 werd herleid van 27 miljoen naar 17,3 miljoen euro.
- Er werden extra leningen ingeschreven:
- 10 miljoen euro in 2026
- 3 miljoen euro in 2029
Belangrijk: die leningen zijn nog niet opgenomen. Zolang dat niet gebeurt, zijn er ook geen intresten verschuldigd, aldus schepen Mertens.
“Voor de Lommelaar verandert er vandaag niets. Dit kost nu geen extra geld,” aldus Mertens.
Geen belastingverhoging
Geruchten over nieuwe belastingen kloppen volgens de schepen niet.
- Personenbelasting blijft 6% (bij de laagste in Vlaanderen; gemiddeld 7,17%)
- Ook de opcentiemen op de onroerende voorheffing blijven bij de laagste
Stad blijft financieel gezond
ABB beoordeelt het evenwicht van een stad op twee criteria:
1. Beschikbaar budgettair resultaat: moet elk jaar positief of minstens nul zijn
2. Autofinancieringsmarge: moet tegen 2031 positief zijn
Volgens de aangepaste cijfers voldoet Lommel aan beide voorwaarden.
Mertens benadrukte dat leningen op zich geen probleem zijn zolang ze betaalbaar blijven.
Ter vergelijking:
• Schuld per inwoner in 2018: 1.466 euro
• Schuld per inwoner eind 2024: 812 euro
“Leningen worden afbetaald, en de schuld daalt opnieuw,” klonk het.
Projecten blijven doorgaan
Aan het beleid zelf verandert niets. Alle projecten die in december werden voorgesteld, blijven in het plan staan. Enkel het startsaldo werd gecorrigeerd.
Bij een volgende aanpassing van het meerjarenplan, na de jaarrekening 2025, wordt opnieuw geëvalueerd of alle ramingen overeenkomen met de realiteit.
Conclusie: administratieve fout rechtgezet, maar volgens het stadsbestuur geen financiële ramp en geen extra lasten voor de inwoners.
Tot zover de toelichting van schepen Sofie Mertens, morgen brengen we de reactie van de oppositie.
Marc Faes