Johannes-Godfried (Jan) Habraken zag het levenslicht in Hamont en dit op
20 januari 1883. Hij was de oudste zoon uit een landbouwersgezin en kon
sociologie studeren in Leuven.
Op 12 april 1909 werd hij in Luik tot priester gewijd.
In 1911 werd hij de eerste secretaris van het in datzelfde jaar in
Hasselt opgerichte ‘Verbond der Vlaamse Mijnwerkers’. Dit was een
organisatie binnen het ‘Secretariaat van Maatschappelijke en
Godsdienstige Werken van Limburg’, waar hij toen werkzaam was. In heel
Limburg stond hij bekend als grote pionier van de Christelijke
Arbeidersbeweging.
Als medewerker van Monseigneur Broeckx hielp hij met de uitbouw van meerdere christelijke organisaties. Zo had hij tijdens de beginjaren ook een voorname rol binnen de Christelijke Mutualiteiten.
Het jaar nadien, in 1912, werd hij onderpastoor in Kuringen. Zijn leuze was: 'Mijn volk dienen'. Op die manier verschafte hij eten en drinken, zelfs materiële hulp, aan de noodlijdenden in Kuringen en omgeving. Om in zijn voorraden te voorzien, ondernam hij tijdens de oorlogsjaren – we zijn dan in de Eerste Wereldoorlog – vele tochten, op zoek naar voedsel. Hij raakte zelfs betrokken in een Engelse spionagedienst en betaalde geheime fondsen uit aan mensen die ondergedoken waren. Jan werd hiervoor zelfs gevangen gezet door de Duitsers.
In 1932 werd hij benoemd tot pastoor van Kuringen, waar hij bleef tot 1938.
Op 1 februari 1939 werd hij benoemd tot deken van Beringen. Hij werd vaak omschreven als de oorlogsdeken van Beringen en trad herhaaldelijk op als beschermheer voor zijn mensen en als bemiddelaar tussen de lokale bevolking en het Duitse leger tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Echter, in september 1944 werd hij zwaar ziek en kon hij gedurende 2 maanden niet optreden voor zijn parochianen.
Op 12 februari 1945 werd hij opnieuw ziek en in de kliniek in Leuven schreven ze hem volledige rust voor. Daarom werd hij op 1 oktober 1945 op rust gesteld en hij keerde toen terug naar zijn oude parochie: Kuringen. Daar overleed hij op 1 december 1946, amper 64 jaar oud. Hij werd er ook begraven. In de jaren 70 van vorige eeuw werd het kerkhof rond de kerk van Kuringen geruimd en op dat ogenblik verdween zijn monumentale graf.
Omwille van zijn verdienste voor zijn mensen, kreeg hij niet alleen in Beringen maar ook in Kuringen een straat die naar hem vernoemd werd: in Beringen dus de Deken Habrakenlaan, in Kuringen de Deken Habrakenstraat.
En in 1955 werd hij er geëerd met een monument. Sinds 2016 vind je dit in de Joris van Oostenrijkstraat in datzelfde Kuringen, schuin tegenover het begin van de Deken Habrakenstraat. De buste staat er, naast het voormalige gemeentehuis van Kuringen.
Leuk weetje: de eerste sociale woningen in Beringen werden gebouwd in de Deken Habrakenlaan. Symbolischer kan het bijna niet. (Danny Boelanders - foto Gust Ischen)
Met dank aan de heemkundige kring van Beringen, de heemkundige kring ‘De Graef’ Hasselt-Kuringen en die van Hamont.