Rony vertelde dat zijn dag al bij het opstaan begon met… de weersvoorspellingen. “Ik was rond 9 uur wakker. Het eerste wat ik gedaan heb? Ik heb mijn gsm genomen en gekeken wat het weer deed. Ik zag een stralend zonnetje… en dan zag ik dat er rond vier uur een sneeuwtapijt zou afkomen. Ik denk dat ik elk uur opnieuw gekeken heb.”
Briefen, schakelen en blijven beslissen
Een lichtstoet organiseren is volgens Rony vooral vooruitdenken. “’s Middags eten we samen met de Gezellen en dan begint het briefen. Wie doet wat? Waar zitten de risico’s? Welke posten bemannen we? We hebben één centraal punt van waaruit alles wordt aangestuurd. Dat is elk jaar zo, maar met dat weer moesten we extra schakelen.”
Hoe dichter het startuur naderde, hoe meer telefoons er binnenkwamen.
“Wagens uit Hasselt en andere gemeenten belden: gaat het door? Als je zegt dat het doorgaat en zij vertrekken, dan moet je woord houden. Ondertussen sneeuwde het daar al.”
Toch heeft hij nooit echt getwijfeld. “Zaterdagavond had ik al met de burgemeester gesproken. De boodschap was duidelijk: het gaat door. Er werd extra gestrooid en gepekeld, er stond een ploeg klaar.
Tijdens de receptie sneeuwde het plots hevig. Mensen kwamen als sneeuwpoppen binnen. We hebben nog even overlegd, maar uiteindelijk hebben we doorgezet.”
Van de 52 voorziene wagens haakten er zeven af. “Dat valt nog mee. Sommige wagens zijn grotendeels uit papier-maché opgebouwd, die kunnen dit weer niet aan.”
Minder volk, meer sfeer
Waar een normale editie zo’n 5.000 à 6.000 toeschouwers lokt, schat Rony het aantal dit jaar op zo’n 2.500. “Kerkstraat en Koning Albertlaan waren goed gevuld, maar elders was er meer ruimte. Logisch, want het was nat en koud.”
Toch had de sneeuw ook iets magisch. “De verlichting, de lasers in de vallende sneeuw… dat gaf wel een speciale sfeer.”
In de tent zat het dan weer gezellig vol. “We hadden een VIP-zone voor prinsengroepen, dat is goed aangeslagen. Misschien geldt toch: hoe slechter het weer, hoe gezelliger de tent.”
Tot vier uur ’s nachts… en weer verder
Voor Rony eindigde de dag om vier uur ’s nachts. “Toen ik thuis was, onder de douche, wist ik: het is weer gelukt.” Maar lang slapen zat er niet in. “Om kwart voor negen was ik weer op. Er stonden 35 berichten op mijn gsm. De opruimploeg was al om vijf uur gestart. Om kwart na tien was ik zelf weer ter plaatse om te helpen.”
Na twaalf jaar voorzitterschap weet hij hoe zwaar het is geworden. “De organisatie wordt elk jaar complexer. Je moet kunnen rekenen op de gemeente, politie, hulpdiensten. Zonder die materiële steun red je het niet. Maar die steun is er, en daar zijn we ontzettend dankbaar voor.”
Met zo’n 40 vaste Gezellen en naar schatting 100 helpers op de dag zelf, staat er een stevige ploeg. “We mogen ons een gevestigde waarde noemen,” zegt hij. “Maar het is hard werken.”
Evalueren en vooruitkijken
Natuurlijk zijn er ook evaluatiepunten. "De dagen nadien krijgen we opmerkingen en suggesties door, dat hoort erbij. We proberen elk jaar bij te sturen. Dus daar zijn we nog een paar dagen mee bezig.”
Wanneer valt alle stress weg? “Een week later, bij de stoet van Overpelt.”
En stoppen? “Ik blijf nog een paar jaar voorzitter, maar daarna wil ik wel actief blijven binnen de vereniging. Misschien bij de wagenbouw of achter de toog. Carnaval kruipt in je bloed, dat laat je nooit meer los.”
Ondertussen kijkt hij al vooruit. Artiesten voor de Nacht van Ambiance en het Früshoppen voor volgend seizoen liggen nu al zo goed als vast. “Wacht je te lang, dan betaal je honderden euro’s meer. Dat is de realiteit. Voor de Nacht van de Ambiance ben ik eigenlijk al bezig met het jaar daarna”, geeft Rony toe.
Maar eerst nog even nagenieten van een sneeuwwitte Lichtstoet die, tegen alle weerberichten in, toch gewoon doorging. “We hebben het gedaan,” besluit Rony. “En daar mogen we trots op zijn.”